BASTA. in beeld

De Europese Unie is geen unie. Dat roep ik al jaren. Het zelfbenoemde ‘Unie’ als surrogaat voor ‘een voor allen, allen voor een’. Het is net zoiets als mezelf persfotograaf noemen. Daarvoor moet mijn werk en plein public. Een perskaart zou ook handig zijn al weet ik niet of deze toegang verschaft tot concentratie- pardon, vluchtelingenkampen.

Een Europa dat mensen en hun rechten schendt en daarbij hun eigen ‘leden’ (o.a. Griekenland) als afvoerputje gebruikt om zelf ‘zuiver’ -zoals ze het zelf noemen- te blijven mag zich geen Unie noemen. Verdeeldheid, hypocrisie en een heus Nazi-beleid is waar Unie voor staat. Unie herbergt de woorden united; verenigd. Maar zij zijn niet in staat om een gezamenlijk beleid te voeren.

Ik ben geen vluchtelingen-expert. Maar ik ken het verschil tussen waardigheid en ontmenselijking, het verschil tussen ethiek en corruptie. Vluchtelingen letterlijk en figuurlijk op het randje van de dood laten balanceren en dat al sinds vele decennia lang; een EU die roept dat het vluchtelingen-probleem niet hun probleem is, dat het probleem zichzelf oplost: terwijl de EU de andere kant op kijkt, verdrinken duizenden mensen, tezamen met hun diepste geloof in veiligheid en een nieuwe toekomst.
Of zou dat juist de bedoeling zijn? En sinds wanneer zijn mensen een probleem?!

Ik las ooit dat het pijnlijkste voor een mens is te worden buitengesloten. Het gevoel van niet erbij horen schijnt vele malen pijnlijker te zijn dan fysieke pijn of liefdesverdriet.
Mij lijkt dat enkel de dood hier boven staat.
De EU wil ‘gezuiverd’ blijven van ‘vreemdelingen’ en gaan daarvoor tot over het randje. Het randje van de dood. De dood van duizenden mannen, vrouwen en kinderen.

Ik hoorde gister op radio 1 dat 2500 weeskinderen op dit ogenblik in Lesbos overleven in de kou. Wellicht ten overvloede: wees betekent voor deze kinderen zonder beide ouders.
Ons land is gevraagd 500 weeskinderen op te vangen: de aller kwetsbaarste slachtoffers van andermans verdomde hebzucht en nijd. Nederland reageert: „Er zijn geen voornemens hier om mensen van de Griekse eilanden op te halen.’ Toch een poging: Groningen misschien als koploper? Nee want wij zitten hier met aardbevingen en uitkeringstrekkers. Wij hebben onze handen al vol.’ (!)

Ik waan me in een andere wereld die niet de mijne is en ik realiseer me dat ik leef op een gevaarlijk continent, in een gevaarlijk land.
Gevaarlijk omdat we bewust de andere kant opkijken. Gevaarlijk vanwege onze onverschilligheid. De neuzen die nu arrogant de lucht insteken zullen vroeg of laat met diezelfde neus op dezelfde feiten worden gedrukt. Dat is nu eenmaal een wetmatigheid. Net zoals de wet van de zwaartekracht. Van hoogmoed komt altijd verlaging. Want hoogmoed is verlaging.

De vluchtelingencrisis raakt me ten diepste. Waarom? Omdat het over mensen gaat, beste mensen! Mensen zoals jij en ik. Mensen die een baan hadden, bezittingen, een huis, maar moesten rennen / vallen / kruipen / opstaan / zwemmen voor hun leven.
En ik bedenk me dat het enige wat ik zelf kan doen is -behalve blijven roepen ‘hoe verschrikkelijk het allemaal is’- zelf ter plekke zijn. Naar het Griekse Lesbos afreizen en doen wat ik kan.
Ik zoek naar hulporganisaties en ontdek al snel dat mediaspecialisten ter plaatse hard nodig zijn. ‘Schrijvers en fotografen nodig’ kopt een organisatie, maar ‘er mag niet in het vluchtelingenkamp worden gefotografeerd. Watte?! Ik zie het boven alles als mijn taak om een duidelijk beeld neer te zetten van de situatie aldaar. Een eerlijk beeld. Beelden van hoe het de vluchtelingen vergaat, hoe ze dagelijks leven, de downs maar ook zeker nu en dan de ‘ups’, de persoonlijke verhalen en aandacht, met andere woorden: een zo compleet mogelijk beeld. 
Ik hou niet van censuur en al helemaal niet binnen deze context. Alarmbellen rinkelen. Er valt een hoop buiten beeld, maar niet buiten schot (vluchtelingen red.). 

Nee ik ben geen vluchtelingenexpert en geen persfotograaf. Ik ben zelfs geen schrijver, geen vormgever en geen fotograaf: Ik ben een mens.
En wat zou de wereld beter af zijn als iedereen de ander als zodanig zag.

Ik wil ter plaatse mijn camera inzetten als liefdevol en vreedzaam wapen. Zou een perskaart helpen?